On street jewellery

Bike bell by Friso Dijkstra

Bike bell by Friso Dijkstra

The exquisit shop of the Stedelijk Museum Amsterdam offers a wide range of interesting design (and books). So when the earbuds of my Ipod got whacked I found perfect new ones there with pearls. Whenever I use them they evoke funny reactions of friends, colleagues and even total strangers -especially when I ride my bike-. A brilliant advantage aside from it’s beauty is that the wire of these earphones doesn’t get mixed up like traditional unadorned ones do.

So when my bike bell was broken I went straight to the Stedelijk to treat myself with a wonderful gold facetted bell. The designer Friso Dijkstra was the winner with this The Ring To It Bike Bell of the Dutch Design Challenge 2014.

My partner warned me several times not to use this gadget on my bike because it would make my -rather unattractive- two wheels too fancy for thieves. Today I tried -totally ignoring the advice of my beloved- to install the new bell. Unfortunately the bike bell wasn’t fit to be mounted on my pretty average bike; the tube of the handlebar was too thick. The plastics of the bell didn’t seem to be that sustainebale anyhow. No problem; the piece can be enjoyed on my desk as well. Pity though not to fulfill the desire of Isabella van den Bos who stated in her recent column Street jewellery to love to see more jewellery in the streets. I’ll ask Kikkerland, the producer of the bell, to make the bell realityproof so it can be used and seen.

Another good place to enjoy jewellery out of it’s regular context is the CODA museum in Apeldoorn. Until the 28th of August Evert Nijlands work is shown amidst other contemporary art disciplines in the exhibition called Renewed past.

Advertenties

Sieraden en objecten van Evert Nijland in Vernieuwd verleden

Colliers Evert Nijland op Vernieuwd verleden in CODA

Colliers Evert Nijland op Vernieuwd verleden in CODA

Op 6 maart 2016 werd in CODA (Apeldoorn) de tentoonstelling Vernieuwd verleden in sieraden van Evert Nijland en in hedendaagse kunst geopend. Tot en met 28 augustus is er werk van Evert Nijland te zien te midden van door hem geselecteerde hedendaagse in Nederland opererende beeldend kunstenaars waardoor hij zich heeft laten inspireren. Zo is er ook werk van onder meer Fiona Tan, Marc Mulders, Guido Geelen en Gésine Hackenberg. Ongewoon aan de tentoonstelling is dat het gaat om sieraden te midden van diverse andere beeldende kunsten zoals fotografie, glas, keramiek, schilderijen, video en sculptuur. Gastcurator Ward Schrijver richtte de tentoonstelling in en schreef een monografie over Nijland die gelijktijdig werd gepresenteerd.

Het werk van Nijland laat zich het beste omschrijven als eclectisch; zowel wat betreft vorm- als materiaalgebruik. Hij bedient zich van een veelheid aan vormen die soms direct afkomstig zijn uit de natuur en soms daarvan zijn afgeleid. Enkele takachtige colliers zoals Slang en Serpent (beiden uit 2009/2010) doen denken aan het werk van Terhi Tolvanen, die in 2014 een overzichtstentoonstelling had in CODA.

Nijland gebruikt onder meer glas, keramiek, zilver, hout en eeuwenoud textiel. Opvallend is dat de collecties zich vaak rondom één specifiek type sieraad concentreren. Zo heeft Nijland antiek Florentijns zijde-fluweel alleen in halssieraden verwerkt (circa 2000). In colliers paste hij verschillende soorten glas en textiel toe (2005 tot en met 2010) en gebruikte hij alleen in broches oud hout (circa 2013). In zijn meest recente armbanden paste hij leer in combinatie met glas toe. Aan ringen heeft hij zich vooralsnog niet gewaagd.

Bij de tentoonstelling is een catalogus verschenen die al even ongewoon is; zo worden afbeeldingen van sieraden van Nijland getoond óver afbeeldingen van andere (oude) kunstwerken zoals Juno van Rembrandt, een vierpas uit de bronzen deuren door Lorenzo Ghiberti van het Baptisterium te Florence en een slangenbroche van René Lalique uit de collectie Museu Calouste Gulbenkian. Vóór deze associatieve kunsthistorische verbanden met het verleden is het werk van Nijland in een neutralere context gefotografeerd.

De tentoonstelling is met liefde en oog voor detail ingericht. De sieraden en objecten van Nijland zijn slechts op één plaats in de museale ruimte rondom zichzelf geconcentreerd. Daaromheen vervolgens wordt de context van de hedendaagse Nederlandse beeldende kunsten getoond. Het werk van Nijland gaat helaas geen directe dialoog aan mét die omringende kunsten. De titel van de tentoonstelling belooft wat dat betreft meer dan dat het in werkelijkheid geeft. Wellicht dat een volgende keer dat concept wat dynamischer kan worden vormgegeven, want het is een spannend en belangrijk emancipatoir concept: sieraden geplaatst in de context van andere beeldende kunsten. De zorgvuldig ontworpen catalogus plaatst het oeuvre van Nijland met zijn opmerkelijke vormgeving wél in een ruimere internationale kunsthistorische context en biedt zo meer ruimte aan dialoog met verwante beeldende kunsten dan de tentoonstelling.

De website van Evert Nijland geeft eveneens een rijk overzicht van zijn werk door de jaren heen.

Tweede waarschuwing: strijd op Wikipedia

Lullen als Brugman, totnogtoe zonder gehoor, HELP!

Vanaf eind november (2013) ben ik actief op Wikipedia. Meer dan 50 nieuwe lemmata heb ik sinds die tijd geschreven; hoofdzakelijk over (vrouwelijke) sieraadontwerpers, al heb ik ook onder meer Gijs Bakker, Ruudt Peters, Onno Boekhoudt en Evert Nijland nieuw ingebracht. Een tweetal lemma’s is ondertussen verwijderd (Galerie Rob Koudijs en Galerie Louise Smit), omdat het om reclame zou gaan. Een derde, Galerie Ra, staat op de nominatie voor verwijdering. Waarom? Reclame: daar doet Wikipedia niet aan. Lees daarom vooral even het lemma supermarkt en waar u uw boodschappen doet. Hoezo geen reclame op Wikipedia? Waarin verschilt Galerie Ra van Albert Heijn? Het is mij een raadsel.

Bewerkingen kunnen op Wikipedia ongedaan worden gemaakt. Ik heb dat herhaaldelijk gedaan; alleen als delen van mijn bewerkingen ongedaan gemaakt werden, zoals de vermelding van exposities in galeries. Dit ontaardde in een wikiwar (oorlog) en kwam mij op een tweetal waarschuwingen te staan. Een derde waarschuwing is fataal: dan mag ik niet langer schrijven of muteren.

Het kost me onderhand meer tijd te strijden voor het behoud van voornoemde lemmata (en de vermelding ervan met betrekking tot tentoonstellingen in lemmata over sieraadontwerpers) dan het schrijven van een nieuw lemma. Zie daarvoor de (non)discussies gevoerd onder de laatste drie kopjes op mijn overlegpagina (https://nl.wikipedia.org/wiki/Overleg_gebruiker:E.Doornbusch#Galerie_Louise_Smit) en kijk vooral ook even naar de bewerkingsgeschiedenis van het lemma Katja Prins. Op Wikipedia is het kennelijk taboe Galerie Rob Koudijs als tentoonstellingsgelegenheid te noemen (en als je volhardt veroorzaakt dat oorlog, ja). Spijtig en wat mij betreft totaal onzinnig. Graag ontvang ik hulp deze waanzin te bestrijden: meld u aan op Wikipedia en laat weten waarom galeries van onmisbaar belang zijn in de wereld van sieraadontwerpers!

Hieronder treft u mijn laatste verweer aan tegen een Wikipediaan die van mening is dat ik ongewenst en vandalistisch opereer ten aanzien van vermeldingen van exposities in galeries van bijvoorbeeld Galerie Rob Koudijs en Galerie Louise Smit.

Beste Agora,

Helaas lees ik in uw tekst niets anders dan dat de zaken zo zijn omdat u het reeds eerder aan mij zou hebben geschreven; ik vind dat een weinig opbouwend commentaar. Spijtig dat u niet op mijn verweer en vragen in wenst te gaan. En ook spijtig dat u mij voor een tweede keer heeft kunnen laten waarschuwen voor praktijken waar mijns inziens niets mis mee is. Ik maak daartegen bezwaar. Ik wil bijdragen aan Wikipedia en kennisnemen van de mores, maar u lijkt jammergenoeg niet van zins mij wijzer te maken omtrent de regels betreffende de door u aangemerkte ongewenste reclame. Vermelding van tentoonstellingen van kunstenaars in internationaal gerenommeerde galeries hebben weinig van doen met de door u, als een stotterende en zichzelf repeterende hagepreker, aangemerkte bezwaren van ongewenste reclame. Gaat u, of de gemeenschap, ook zo te keer tegen de vermelding van galeries van bijvoorbeeld Charles Saatchi of Paul Andriesse? Of Albert Heijn? Nee? Wat is het verschil met Galerie Rob Koudijs, Galerie Louise Smit of Galerie Ra? Ik zou het graag weten om mij aan de geldende conventies te houden. Nergens (met uitzondering van uw weinig opbouwende commentaren) heb ik kunnen lezen waarom een tentoonstelling in een galerie niet op Wikipedia vermeld zou mogen worden. Ik draag graag op constructieve wijze bij aan Wikipedia op het vlak van sieraadontwerpers en acht daarbij de vermelding van een handvol (Nederlandse) galeries onontbeerlijk. Dat (bestaande) galeries geen eigen lemma mogen hebben vanwege reclame vind ik vervelend, maar kan ik nog begrijpen (al vind ik het trouwens lastig te rijmen met lemmata over nog levende kunstenaars die uiteraard evenzeer een commercieel belang hebben, maar die belangen worden kennelijk, doch gelukkig, wel geaccepteerd op Wikipedia). Ik zie weinig verschil tussen conservator (museum of galerie) en kunstenaar; de één bestaat niet zonder de ander. Dat (bestaande) galeries in het geheel niet op Wikipedia genoemd zouden mogen worden vind ik onaanvaardbaar. Het doet geen recht aan de lemmata over de kunstenaars die soms of vaak dankzij galeries zijn doorgebroken. Die kunstenaars zijn niet zo maar na hun opleiding in museumcollecties terechtgekomen. Het oog en de kennis van de galeriehouder zijn daarbij onontbeerlijk geweest. Dat u dat niet wenst te weten vind ik best, maar het lijkt me sterk dat de gemeenschap daaraan geen enkel belang hecht. Graag zou ik daarom meer stemmen horen uit de gemeenschap dan alleen de uwe, die mij zouden kunnen wijzen op de (on)wenselijkheid van vermelding van tentoonstellingen in galeries. Leren en bijdragen doe ik graag; reacties zijn meer dan welkom!~~~~